Next (right)

Schilderijen Kamper topografie, landschap, stilleven

Schilderijen Portetten

Wobbe Alkema

Anthony Beek

Johannes Daniel Belmer

Johannes Boele

Jan Brokkelkamp

Frederik Jacobus Buijtendijk

Hendrik Jan de Cock

Adolf Marinus Johannes Diemont

Hendrik Jan van Dijk

Jan van Driel

Evert Cornelis Ekker

Tijmen (Tiem) Evink

Jan Jacob Fels

Robert & François Graafland

Jacobus Cornelis Gaal

Abraham de Haen

Christianus Hendrikus Hein

Hendrik Jan Hein

Gerrit Hondius

Lucie van Dam van Isselt

Sjaak Kaashoek

Kees Kieft

B de Kleine

Jo Koster

Hendrik Pieter Marinus Kosters

Gerrit Jan Kruishoop

Johan Lentink

Cornelis Helenis Lodewijk Middelkoop

Emile Moulin

Tan ai Ngin

Hendrik Poeder

Cornelis Pronk

Arend Jan Reijers

Pieter Remmers

Nicolaas Johannes Roosenboom

Martin Jan van Santen

Bert Schilder

Hens van der Spoel

Cornelis Springer

Sebastiaan (Bas) Steller

Anton Stivarius

Adriaan Christiaan Willem Terhell

Willem Bastiaan Tholen

Erszike Tóth

Pieter Gerhardus Valentijn

Willem van der Ven

Albert Vinke

Jan Voerman

Albert Cornelis Vos

Diverse tekeningen

Previous (left)

Kunst collectie


SNS Historisch Centrum

 Contact            Disclaimer             Facebook             Youtube

Contact disclaimer

Johanna Petronella Catharina Antoinetta Koster (1869 – 1944)

Jo Koster was geboren te Kampen op 16 april 1869 en was een dochter van Johannes Petrus Koster, kapitein-kwartiermeester, en Catharina Antoinetta van Veen. In 1885 ging ze naar de Rijksnormaalschool voor Teekenonderwijzers in Amsterdam en vervolgens naar de Rotterdamse academie in 1888 bij Jan Striening. Ze gaf enige tijd les aan de academie en volgde nadat ze in 1894 de Koninklijke Subsidie voor Vrije Schilderkunst ontving lessen in Brussel bij Ernest Blanc-Garin en aan de Académie Julian en de Académie Colarossi in Parijs. In 1902 vestigde ze zich in Zwolle, waar ze een teken- en schildersklas oprichtte. In de zomermaanden werkte ze geregeld in Staphorst, waar ze de boerenarbeiders en de klederdracht in beeld bracht. Toen zij in 1905 op een dood punt in haar carrière kwam, stopte ze op aanraden van H.P. Bremmer met schilderen en richtte zich eerst weer op het tekenen. Haar werk werd daarna zuiverder van kleur en compositie.

Kosters stijl varieert in de loop van de jaren, ze schilderde onder meer neo-impressionistisch en maakte ook pointillistisch werk. Van 1910 tot 1924 woonde ze in Hattem, waarna ze telkens korte periodes woonde in Italië, Zwitserland en Nederland, tot ze in 1934 in Den Haag ging wonen. Naast de verkoop van vrij werk verdiende ze geld met reisverslagen voor kranten en portretten in opdracht. Ze maakte ook naaldkunstwerken, ex librissen, illustraties en kamerschermen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het Statenkwartier waar ze woonde geëvacueerd en trok ze naar Zaltbommel.

Koster was aangesloten bij Arti et Amicitiae, Pulchri Studio, Vereeniging Sint Lucas en de Vereeniging van Beeldende Kunstenaars 'De Rotterdammers'. Ter gelegenheid van haar zeventigste verjaardag werd haar werk geëxposeerd in Den Haag, Dordrecht en Amersfoort. Haar werk is onder meer opgenomen in de collecties van het Rijksmuseum Amsterdam, het Kröller-Müller Museum en het Voerman Museum Hattem. De kunstenares overleed op 17 januari 1944, op 75-jarige leeftijd, toen ze bij een vriendin logeerde.